50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Beginner:


09/28/2020
80
0
0:00 sec
Yes
Test 80      |
|
Ga naar toets:

0/15

Klik op een woord!
1.met de bus gaan le bus  
2.Ik wil graag een glas rode wijn.J’aimerais verre de vin rouge.  
3.Rookt u?Est-ce que vous ?  
4.De vrouw houdt van sinaasappel- en grapefruitsap.La aime le jus d’orange et le jus de pamplemousse.  
5.Ik vind dat vreselijk.Je trouve ça .  
6.Wij willen graag lunchen.Nous voudrions .  
7.Ik maak de badkamer schoon.Je nettoie la salle de .  
8.Waar zijn de glazen?Où sont verres?  
9.Ik wil graag een voorgerecht.Je voudrais entrée.  
10.Waar zijn de leeuwen? les lions?  
11.een reis maken / op reis gaan un voyage  
12.van het begin tot het eindtout le long / début jusqu’à la fin  
13.57 [zevenenvijftig]57 [ ]  
14.Heb jij een nieuwe keuken?As-tu une cuisine?  
15.oktober, november en december.octobre, novembre décembre.