50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Beginner:


09/29/2020
41
0
0:00 sec
Yes
Test 41      |
|
Ga naar toets:

0/15

Klik op een woord!
1.zijn medicijn innemenå medisinen sin  
2.Jij leert Spaans.Du spansk  
3.Heb je een handdoek?Har du eit ?  
4.Vandaag hebben we tijd.I dag vi tid.  
5.Komt u vaker hier?Er du ofte her?  
6.dat is erg vriendelijk van u / dat is erg aardig van udet snilt av deg  
7.Nee, absoluut niet.Nei då, slett ikkje.  
8.De douche werkt niet. verkar ikkje.  
9.ik wilde net weggaaneg skulle akkurat å gå  
10.Is deze plaats vrij? det ledig her?  
11.Hoeveel keer? mange gonger?  
12.ik ben aan de beurt / het is mijn beurtdet er tur  
13.Waar is het kleedhokje?Kor er ?  
14.juli, augustus, september,Juli, , september,  
15.hij komt de kamer in / hij komt de kamer binnen kjem inn i rommet