50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Beginner:


06/19/2021
43
0
0:00 sec
Yes
Test 43      |
|
Ga naar toets:

0/15

Klik op een woord!
1.Ik heb het koud. mi.  
2.in de lentena  
3.Hij leert Duits. uczy się niemieckiego.  
4.nog altijdwciąż  
5.In orde!W !  
6.de Verenigde Staten Zjednoczone  
7.Er staan bomen naast het huis.Obok domu są .  
8.Sorry, maar ik heb al plannen. mi, mam inne plany.  
9.Heeft u een kamer vrij? państwo wolny pokój?  
10.Ik kom je op kantoor ophalen.Odbiorę z biura.  
11.Ik wil graag even telefoneren. zadzwonić.  
12.Moet men toegang betalen? za wstęp trzeba płacić?  
13.Kan ik het per luchtpost sturen?Czy wysłać to pocztą lotniczą?  
14.de donderdag  
15.steeds betercoraz