50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Beginner:


04/18/2021
42
0
0:00 sec
Yes
Test 42      |
|
Ga naar toets:

0/15

Klik op een woord!
1.Welke kleur heeft de kers? Rood.De que cor é a cereja? .  
2.Is dat een directe vlucht?É voo direto?  
3.Wanneer gaat de volgende trein naar Londen?Quando é que sai o próximo para Londres?  
4.Hij leest. lê.  
5.Blijft u aan de lijn!Aguarde ao ! / Não desligue!  
6.hij spreekt Frans sabe francês  
7.Laat ons naar het zwembad gaan.Vamos à ?  
8.Bij welke verzekeringsmaatschappij bent u verzekerd?Qual é o seu médico?  
9.rechts rijdenconduzir pela / (Bras.:) andar na direita  
10.Hoe lang kun je hier parkeren? tempo é que se pode estacionar aqui?  
11.ik haal je op / ik haal je afeu vou / (Bras.:) eu te pego / eu te busco  
12.Ik zoek een fotowinkel.Estou à procura de uma loja fotografias.  
13.Hoe bevalt u ...?Que tal agrada? / Gosta ...?  
14.Ik kijk alleen maar.Eu só estou olhar / (Bras.:) Eu só estou olhando  
15.De kamers werden niet goed schoongemaakt.Os quartos não foram limpos.