Testen 87



Datum:
Tijd besteed aan testen::
Score:


Fri Jan 02, 2026

0/10

Klik op een woord
1. Het is zeven uur.
Il est sept   See hint
2. herfst en winter.
l’automne et   See hint
3. Morgen is hier een feestje.
, il y aura une fête   See hint
4. Heeft u iets goedkopers?
Avez-vous quelque de moins cher ?   See hint
5. Wanneer zijn we bij de grens?
serons-nous à la frontière ?   See hint
6. Sorry, hoe kom ik bij het vliegveld?
, comment vais-je à l’aéroport ?   See hint
7. Je hebt een grote koffer nodig!
Tu as d’une grande valise   See hint
8. Is dit zoet of zout?
sucré ou salé ?   See hint
9. Uw telefoon rinkelt te hard!
Votre téléphone trop fort   See hint
10. Alle bladeren worden in de herfst heel kleurrijk.
Toutes les feuilles très colorées en automne   See hint