Testen 100



Datum:
Tijd besteed aan testen::
Score:


Tue Jan 06, 2026

0/10

Klik op een woord
1. De vierde dag is donderdag.
La tago estas ĵaŭdo   See hint
2. Hoe is het weer vandaag?
Kia estas la hodiaŭ?   See hint
3. Wat is uw moedertaal?
Kiu estas via gepatra ?   See hint
4. Ik wil graag thee.
Mi teon   See hint
5. Zijn er nog twee plaatsen vrij?
Ĉu restas du sidlokoj?   See hint
6. Waar is de markt?
Kie estas la ?   See hint
7. Je hebt schoenen, sandalen en laarzen nodig.
Vi bezonas ŝuojn, sandalojn kaj   See hint
8. Wat voor groenten koop je?
Kiajn legomojn vi ?   See hint
9. Ik woon in een huis.
Mi en domo   See hint
10. Zullen we iets drinken?
Ĉu ni ion?   See hint