50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Beginner:


10/28/2020
87
0
0:00 sec
Yes
Test 87      |
|
Ga naar toets:

0/15

Klik op een woord!
1.zonder twijfelbez wątpienia /  
2.13 [dertien]13 [ ]  
3.Wanneer eindigt de rondleiding?Kiedy kończy się zwiedzanie z ?  
4.31 [eenendertig]31 [ jeden]  
5.Waar is de WC? / het toilet?Gdzie jest ?  
6.Wij zoeken een apotheek. apteki.  
7.naar vorendo  
8.Ik heb een tweepersoonskamer nodig.Potrzebuję dwuosobowy.  
9.schoonmaken / sprzątać  
10.De film is helemaal nieuw.To film.  
11.waarschijnlijk komt hij vandaag nietprawdopodobnie nie przyjdzie  
12.12 [twaalf]12 [ ]  
13.De banden zijn zwart. są czarne.  
14.De kelder is beneden.Na dole jest .  
15.Ik vind dat lelijk.Uważam, że to brzydkie.